Op dit moment staan veel onderdelen van onze maatschappij onder druk. Er wordt hard gewerkt door mensen in onder andere de zorg, politie, supermarkten en de brandweer. Ook bij gemeenten worden grote inspanningen verricht om alle vitale processen zo optimaal mogelijk te laten verlopen. Er zit veel verschil in hoe hier invulling aan wordt gegeven. Sommige gemeenten zijn volledig gesloten, anderen zijn beperkt toegankelijk en te bezoeken. Dit heeft gevolgen voor de reguliere procedure voor een aanvraag omgevingsvergunning. Toch zijn er mogelijkheden voor gemeenten om hier, onder bepaalde voorwaarden, meer ruimte te creëren. Deze mogelijkheden en voorwaarden bespreken wij in dit artikel.

reguliere-procedure-omgevingsvergunning-corona-virus-algemene-wet-bestuursrecht-wet-algemene-bepalingen-omgevingsrecht-ruimte-in-adviesDiverse processen binnen gemeenten lopen op dit moment niet even effectief en efficiënt, nu een groot deel van Nederland op slot zit. Veel medewerkers werken thuis, terwijl sommige processen binnen de gemeente hier nog niet volledig op zijn uitgerust. Ook het vooroverleg en advisering in het proces van vergunningverlening ondervinden de consequenties van deze tijdelijke realiteit. Voor de gemeente blijven nog altijd de wettelijke termijnen gelden voor het afhandelen van een aanvraag. De reguliere procedure uit de Wabo ondervindt wellicht nog de meeste consequenties. Hier is namelijk de ‘Lex silencio positivo’ (vergunning van rechtswege) van toepassing, als er niet binnen 8 weken op de aanvraag wordt beslist.

Ruimte in Advies geeft een nadere toelichting op het verloop van de reguliere procedure in deze ongewone tijden. Met deze toelichting hopen wij enerzijds gemeenten een handvat te geven om te anticiperen op de ontstane situatie, maar willen wij ook voor de aanvrager verduidelijken waarom een aanvraag wellicht een langere doorlooptijd heeft dan u normaal gesproken bent gewend. We hopen onnodig juridisch getouwtrek te voorkomen in een periode waarin de maatschappij al onder enorme druk staat.

Het uitgangspunt blijft dat gemeenten zoveel mogelijk probeert om de afhandeling van aanvragen zo goed als mogelijk uit te voeren, binnen de gestelde termijn. Komt het onverhoopt toch voor dat door de ontstane situatie dit niet mogelijk blijkt, doordat vooroverleg, advisering of beoordeling minder efficiënt verlopen door de genomen maatregelen, kan het bevoegd gezag zich op twee mogelijkheden beroepen.

1.      Artikel 3.9 lid 2 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht

3.9 lid 2. Het bevoegd gezag kan de in het eerste lid bedoelde termijn eenmaal met ten hoogste zes weken verlengen. Het maakt zijn besluit daartoe bekend binnen de eerstbedoelde termijn. Het doet daarvan tevens zo spoedig mogelijk mededeling op de wijze waarop het overeenkomstig artikel 3.8 kennis heeft gegeven van de aanvraag.”

Bovengenoemd artikel komt velen bekend voor. Het artikel geeft de mogelijkheid om de behandeltermijn éénmaal met 6 weken te verlengen. Procedureel zijn hier twee belangrijke aspecten, het bevoegd gezag dient:

  • de verlenging te motiveren;
  • de verlenging te publiceren via de gebruikelijke kanalen.

Gezien de crisissituatie zal de verlenging goed te motiveren zijn.

2.      Artikel 4.15 lid 2 onder c. Algemene Wet bestuursrecht

Artikel 4:15

2. De termijn voor het geven van een beschikking wordt voorts opgeschort:

       a. gedurende de termijn waarvoor de aanvrager schriftelijk met uitstel heeft ingestemd,

       b. zolang de vertraging aan de aanvrager kan worden toegerekend, of

       c. zolang het bestuursorgaan door overmacht niet in staat is een beschikking te geven.

3 In geval van overmacht deelt het bestuursorgaan zo spoedig mogelijk aan de aanvrager mede dat de beslistermijn is opgeschort, alsmede binnen welke termijn de beschikking wel tegemoet kan worden gezien.

4 Indien de opschorting eindigt, doet het bestuursorgaan daarvan in de gevallen, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, of het tweede lid, onderdelen b en c, zo spoedig mogelijk mededeling aan de aanvrager, onder vermelding van de termijn binnen welke de beschikking alsnog moet worden gegeven.”

Indien de nood dermate hoog is dat met artikel 3.9, lid 2, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) niet voldoende ruimte kan worden gecreëerd, biedt artikel 4:15, lid 2, onder c, van de Algemene wet bestuursrecht een uitkomst. Met dit artikel kan de procedure in geval van overmacht worden opgeschort. Het verschil met art. 3.9, lid 2 van de Wabo is dat hier geen duur van de opschorting is vastgesteld. De gemeente kan de duur van de opschorting aanpassen op de mate en duur van overmacht. Wel is het van belang dat de gemeente goed motiveert waarom voor een specifieke duur is gekozen. Deze moet in verhouding staan tot de mate en duur van de overmacht waardoor de procedure wordt opgeschort. Hierbij zijn drie aspecten van belang voor de procedurele afhandeling, het bevoegd gezag dient:reguliere-procedure-omgevingsvergunning-corona-virus-algemene-wet-bestuursrecht-wet-algemene-bepalingen-omgevingsrecht-ruimte-in-advies

  • de verlenging te motiveren;
  • zo spoedig mogelijk aan de aanvrager mede te delen dat de beslistermijn is opgeschort én voor hoe lang deze wordt opgeschort;
  • te beargumenteren waarom de duur van de opschorting in verhouding staat met de mate van overmacht.

Wij hopen dat met bovengenoemde mogelijkheden daar waar nodig de druk van de ketel kan worden gehaald bij gemeenten. In deze onwerkelijke periode staat Ruimte in Advies klaar voor alle overheidsorganen, ondernemers en particulieren. Neem gerust contact met ons op voor vragen, onze adviseurs staan voor u klaar.